Nood aan Beneliga groter dan ooit
De kogel is door de kerk. Ook de volgende drie seizoenen zal de Belgische voetbalcompetitie via play-offs worden beslecht. Over een Beneliga werd met geen woord gerept, toch blijft dat het meest toekomstgerichte project. Tussendoor maakte Ajax brandhout van Anderlecht. We moeten dus snel zijn voor Nederland té veel voorsprong heeft. Of dragen de Belgische clubs eigenbelang hoger in het vaandel dan de kwaliteit van ons voetbal?
Supporters en de algemene gezondheid van de populairste sport in België worden hoe langer hoe meer in de vergeetput geduwd.
Play-offs of niet? 16 Clubs of 18? De voorbij week woedde de discussie over de toekomst van de Belgische voetbalcompetitie heftig. De G4 (Anderlecht, Club Brugge, Genk en Gent) haalde zijn slag thuis. De kleinere clubs in eerste klasse bogen gewillig het hoofd toen wat geld voor hen werd voorzien. Zelfzucht primeerde. Supporters en de algemene gezondheid van de populairste sport in België worden hoe langer hoe meer in de vergeetput geduwd.
Oneerlijk
Vanuit verschillende hoeken werd kritisch gereageerd op de voortzetting van een competitie met play-offs. De Supportersfederatie Profclubs en de Nationale Supportersfederatie schreven in een perscommuniqué dat acties in de stadions niet zullen uitblijven. Standard, Sint-Truiden, Lierse, Charleroi en Germinal Beerschot stemden tegen de play-offs. Neel De Ceulaer, CEO van Lierse, was duidelijk in Gazet van Antwerpen: “dit systeem is heel oneerlijk en het maakt corruptie makkelijker.”
Eddy Wauters, voorzitter van Antwerp, vatte het zo samen, “de kleine clubs van eerste klasse vinden de plannen van de G4 niet goed, maar geld is hen meer waard dan de stelling waar ze voor staan. Ik snap dat niet.” Zelfs Caroline Gennez (sp.a voorzitster) maakt zich in een opiniestuk zorgen: “een compromis kan ik als politica alleen maar toejuichen. Maar er zijn weinig argumenten voor een positieve evaluatie van het huidige systeem. De voetballiefhebber lust dit complexe menu met vele gangen niet.”
Terugkijken naar het roemrijke verleden wanneer je met 0-3 op je bek gaat in eigen huis kan enkel voor schaamrood zorgen. Tenzij je een onrealistisch zelfbeeld meezeult.
Schaamrood
De meeste voorgaande kritische stemmen willen terug naar de oude regeling: 18 clubs zonder play-offs. Nou, terug naar af eigenlijk. Want wie eerlijk het Belgische voetbal overschouwt kan niet naast de pijnlijke conclusie: op Europees vlak worden we met de week meer tot een lilliputter gedegradeerd. Daar zullen (geen) play-offs of (minder dan) 18 eersteklassers niets aan veranderen. “Ik verwacht de sfeer van de grote dagen”, zei Herman van Holsbeeck voor Anderlecht-Ajax in de 16e finales van de Europa League. Terugkijken naar het roemrijke verleden wanneer je met 0-3 op je bek gaat in eigen huis kan enkel voor schaamrood zorgen. Tenzij je een onrealistisch zelfbeeld meezeult.
Slachtbank
Een Beneliga dus. Een voetbalcompetitie waar Belgische en Nederlandse teams tegen elkaar spelen. In 2009 werd voor de idee geopperd, maar al snel werd het naar de slachtbank gevoerd. “Het is einde oefening wat betreft de Beneliga. Het besluit viel na overleg met de clubs, die niets in het initiatief zien,” aldus Henk Kesler, de oud-directeur van het Nederlands sectiebestuur betaald voetbal, in De Telegraaf. Marco Van Basten, ex-coach van Ajax, was het hier niet mee eens en sprak van een goed initiatief.
Van Belgische kant reageerde Ivan De Witte, “Nederlandse clubs zitten heus niet op ons te wachten.” Qua positie-inname kon dat tellen. Bondsvoorzitter François De Keersmaecker wou eerst een studie naar de haalbaarheid van een Beneliga alvorens zijn mening te verkondigen. Conclusie: zowel aan Nederlandse als Belgische kant een gebrek aan motivatie.
Hollandse lef
Je kunt natuurlijk moeilijk verwachten van de Nederlandse clubs dat zij in dit dossier de eerste stap zetten. De Eredivisie staat er een pak beter voor dan onze pintjesliga. Moderne en grotere stadions, een sterke jeugdopleiding en bovenal ‘Hollandse durf’. Een klittende mix van zelfoverschatting en lef, met resultaat overigens. Daar kunnen onze voetbalbonzen nog wat van opsteken. Zeg nu zelf, viriliteit springt niet van het beeld wanneer De Keersmaecker en consorten het woord nemen. Wanneer ‘the leading lady’ van sp.a over meer (spreekwoordelijke) ballen beschikt dan de Bondsvoorzitter, dan maakt een mens zich terecht zorgen. Pro League-voorzitter Ivan De Witte situeren we ergens in het midden, noch vlees noch vis, noch Gent noch Brussel. Maar ook zijn geslepenheid zou bot zijn in Nederlandse standaarden.
Een grotere motivatie dan het niveau van ons voetbal bestaat niet
Daar stokt het dus, lef. De durf om het Belgische voetbal te presenteren aan onze Noorderburen. Om te gaan voor die uitdaging. Is het niet typisch Belgisch om al op te geven wanneer de Nederlanders vertellen niet geïnteresseerd te zijn? Interesse moet opgewekt worden. Een grotere motivatie als het niveau van ons voetbal bestaat niet. Dat kan enorm worden verhoogd met een Beneliga.
Godsgeschenk
Een Beneliga roept echter veel vragen op. Daar mogen we niet blind voor zijn. Supporters zullen een (iets) langer traject moeten overbruggen om hun team aan te moedigen. Al is een affiche Ajax-Standard interessanter als Cercle Brugge-Standard, niet? Een uurtje meer in de auto als godsgeschenk.
Nee, de Belgische en Nederlandse teams die uit de Beneliga-boot zouden vallen vormen zonder twijfel de grootste struikelblok. De Beneliga zal hiermee rekening moeten houden, bijvoorbeeld door een realistisch bedrag naar ‘tweede’ klasse te laten doorstromen. Clubs in de Beneliga zullen over een groter budget beschikken, daar mogen we van uitgaan. Om zo het stijgen/dalen naar de Beneliga realistisch en gezond te maken. En laat net daar de flater van het huidige akkoord steken. Want al dat geflikflooi met ‘kleine’ bedragen ruikt naar competitievervalsing. Enkel wanneer het niveau van het voetbal en de daaraan gekoppelde inkomsten stijgen, kan zulk voorstel levensvatbaar worden. Daarmee is de nood aan een Beneliga groter dan ooit.
Tomas Bachot
Tags:Ajax, België, Beneliga, Eredivisie, Jupiler Pro League, Nederland, RSC Anderlecht, Voetbal














Pingback: Nood aan Beneliga groter dan ooit « Zonder Graten