Home » Analyse, Wielrennen

De oude garde in het wielerpeloton (1)

door Extrasport op maart 8, 2012 – 13:411 Reactie

Veelal worden in voorbeschouwingen de toppers rijkelijk besproken en kijkt men reikhalzend uit naar wat de nieuwe talenten in hun eerste jaren in het profpeloton kunnen doen. Maar wat met de ouderdomsdekens in het peloton? Wat mogen zij dit seizoen nog verwachten? Vandaag deel 1 met Jens Voigt en Stuart O’Grady.

© rcrhee

De meesten worden gebombardeerd tot wegkapitein van het team, of zijn aangesteld als coach om hun ervaring door te geven aan het team, zoals Robbie McEwen (39, °1972). Maar er zijn ook nog oudjes die kunnen scoren, zoals bijvoorbeeld sprinters Alessandro Petacchi (38 jaar, °1974) en Oscar Freire (36 jaar, °1976).




Shut up, body
De oudste renner is de man met de breedste glimlach in het Protour-peloton. Met zijn veertig lentes zit de Duitser Jens Voigt van het Luxemburgse superteam Radioshack-Nissan nog steeds vastgegroeid op zijn fiets. Voigt werd geboren op 17 september 1971 in Grëvesmuhlen, zo’n 100 kilometer ten noorden van Hamburg, Oost-Duitsland. Voigt groeide op in het gescheiden Duitsland van voor de val van de Muur in 1989. Hij werd door zijn ouders algauw aangemoedigd om aan sport te doen om een te veel aan energie toch ergens kwijt te kunnen. Op zijn veertiende ging hij naar een nationale sportschool in Berlijn en trainde er volop in de disciplines wielrennen, baanwielrennen en zelfs veldrijden. De Duitser zag het altijd als een voordeel dat de Berlijnse Muur rond zijn 18de is gevallen. Zo heeft hij het beste van beide werelden meegekregen. Het schoolsysteem en de trainingsmethoden van het oosten en de mogelijkheden om er iets mee te doen na het vallen van de Muur. In 1994 won de Duitser de Vredeskoers bij de amateurs. Tijdens de Koude Oorlog stond deze rittenkoers bekend als de Ronde van Frankrijk van het Oostblok, maar ze is niet meer verreden sinds 2006. Aan het einde van 1994 topte hij dan ook de “Challenge Mondial Amateurs” ranking van de UCI. In 1997 werd hij op zijn 25ste uiteindelijk prof bij het Australische ZVVZ-Giants-Australian Institute of Sports team.

 


In 1998 belandde hij in het Franse team GAN met de steun van zijn voormalige Duitse ploegleider bij Australian Instute of Sports, Heiko Salzwedel. Dit team zou een jaar later Crédit Agricole gaan heten. Voigt reed vijf jaar in loondienst van het grote Franse team en behaalde diverse grote overwinningen. Hij won in 2001 onder andere de zestiende rit in de Tour, mocht tijdens de zevende rit met de gele trui om zijn schouders rijden en won samen met zijn team de vierde rit van die Ronde, de ploegentijdrit. Bij Crédit Agricole en ook later, toen hij de overstap maakte naar het Deense team CSC, koerste hij in hetzelfde team als dat van een andere veteraan, Stuart O’Grady (38 jaar, °1973). De Australiër, die nu bij GreenEdge rijdt, en Voigt hebben een gelijklopende carrière. O’Grady is twee jaar jonger dan Voigt, maar werd wel twee jaar eerder prof: in 1995 bij GAN. In 2004 scheidden de wegen zich even van elkaar als Voigt naar het Deense CSC gaat onder leiding van Bjarne Riis en O’Grady kiest voor het Franse Cofidis. Maar vanaf 2006 besluit ook de Australiër onder de hoede van Riis te rijden.

© coda2

Stuart O’Grady
O’Grady begon, zoals veel Australiërs, zijn carrière als wielrenner op de baan. En hij was succesvol, want hij won in 1992 een zilveren medaille op de Olympische Spelen in Barcelona in de 4000 meter ploegenachtervolging op de baan. Vier jaar later won hij een bronzen medaille tijdens de spelen in Atlanta, zowel in de puntenkoers als in de ploegenachtervolging. Bij Crédit Agricole behaalde O’Grady een aantal mooie overwinningen zoals een ritoverwinning in de Ronde van Frankrijk in 1998, waar hij ook drie dagen de gele trui mocht aantrekken. Zijn succesvolste jaar in de Franse stal was misschien wel 2001 waarin hij de gele trui in de Tour mocht aantrekken van rit 3 tot 6 en ook nog in rit 8 en 9. Met het team won hij toen ook de ploegentijdrit samen met Voigt. O’Grady behaalde ook een paar mooie ereplaatsen in de klassiekers, waarmee hij aantoonde ook die aan te kunnen. Zo werd hij derde in de Ronde van Vlaanderen van 2003 en in Milaan – San Remo in 2004. Op de Spelen van Athene won hij met Australië ook de ploegkoers met zijn partner Graeme Brown. In 2005 reed O’Grady maar wat verloren rond in het truitje van Cofidis, om dan in 2007 in het CSC-truitje misschien wel zijn mooiste overwinning te pakken: Parijs – Roubaix. En dat als eerste Australiër ooit. In datzelfde jaar reeg hij het aantal ereplaatsen in de klassiekers aaneen, met als voornaamste een derde stek in Dwars Door Vlaanderen en een vijfde plaats in Milaan – San Remo en in Omloop Het Volk. Hij werd ook tiende in de Ronde van Vlaanderen.




Vanaf 2008 verzeilde O’Grady meer en meer in de positie van superknecht die in het voorjaar de Zwitser Fabian Cancellara moest helpen en tijdens de Tour respectievelijk Carlos Sastre en later Fränk en Andy Schleck moest bij staan, net als Jens Voigt. O’Grady vertrok met slaande deuren bij Saxobank, het latere CSC, na een geschil over een tussenstop in een bar tijdens de rustdag van de Vuelta in 2010 met Andy Schleck. Ook Voigt verliet Saxobank, maar hij liet weten “als vrienden met Riis uit elkaar gegaan” te zijn. In 2011 reden ze allebei bij de nieuwe Luxemburgse formatie Leopard Trek dat rond de gebroeders Schleck was gebouwd. Maar in augustus 2011 maakte O’Grady bekend twee seizoenen naar het nieuwe Australische team GreenEDGE te gaan om daar zijn carrière als renner af te sluiten.

 

Duitse onvriendelijkheid
Hoewel Voigt nu een van de meest geliefde renners is bij de fans, kreeg de Duitser het in de Tour van 2004 zwaar te verduren. Wie de korte documentaire Overcoming uit 2005 zag, heeft het volgende verhaal al eerder gehoord. In de Tourploeg van CSC moest Voigt knechten voor de Italiaan Ivan Basso. Dat was helemaal niet naar de zin van de Duitse fans, die achter hun Tourfavoriet Jan Ullrich stonden. In de 15de rit deed Ullrich een wanhoopspoging om Lance Armstrong en Basso tijd aan hun broek te smeren. Vooraan zat Voigt in de ontsnapping met nog een andere renner. Ullrichs manoeuvre leek te gaan lukken, wanneer Voigt plots compleet stilviel. Floyd Landis bepaalde in het peloton het tempo voor zijn ploegmaat Armstrong om de schade te beperken, maar Ullrich was sterk. Voigt leek orders te hebben gekregen vanuit de ploegwagen en liet zich uitzakken . Hij werd voorbij gestoomd door Ullrich met twee renners in zijn zog. Wanneer der Jens zich op kop zette van het peloton en begon te sleuren, staken er geruchten de kop op over een mogelijke alliantie tussen US Postal en CSC. Ondertussen had Basso Voigt aangemaand om verder te stampen omdat de Italiaan de rit wou winnen. Maar het mocht niet baten, Armstrong won de rit, voor Basso en Ullrich. De Duitse pers was woest, net als de Duitse fans. Voigt werd tijdens de volgende etappes uitgescholden en de Duitse omroep ARD zou later zelfs beweren dat Armstrong zo zijn zesde tour zou winnen met de hulp van Voigt en team CSC. Basso werd uiteindelijk derde in de eindstand op 6’ 40” van Armstrong en moest de Duitse ploegmaat van Ullrich, Andreas Klöden nog voor zich dulden op 6’ 19” van Armstrong.

© wfbakker2

Nu is Voigt weer de meest geliefde renner van het peloton, zeker bij de fans. Maar hij blijft een haat-liefde verhouding hebben met de Tour de France. Elk jaar moet hij wel een keertje pech hebben of tegen de vlakte pleuren. Zo was er zijn doodssmak in de zestiende rit  in 2009 toen hij met zijn voorwiel slipte over de wegmarkering in de afdaling van de Col du Petit Saint-Bernard en meters over het asfalt bleef voortglijden. Men vreesde het ergste, maar Voigt kwam er vanaf met een hersenschudding, een jukbeenbreuk en wat blauwe plekken en schrammen. In de Tour van 2010 kwam Voigt ook ten val, ook in de zestiende rit, toen het voorwiel van zijn fiets ontplofte tijdens de afdaling van de eerste col van de dag, de Col de Peyresoudre. Ondanks een pijnlijk lichaam wou Voigt verder en hij reed de etappe uit. Wat het verhaal nog krasser maakte, was dat de Duitser zo’n 15 à 20 kilometer op een kinderfietsje moest rijden, omdat de ploegwagens al een tijdje weg waren en niet meer terug mochten keren. Ondertussen was zijn ploegleider Bjarne Riis op de hoogte van het voorval en vroeg hij aan een politieagent of hij Voigt zijn reservefiets wou geven als hij hem zag. En zo geschiede.

 

In 2011 verklaarde Voigt dat hij zijn laatste Tour zou rijden, volledig in dienst van de gebroeders Schleck. Daar was hij samen met Maxime Monfort en Stuart O’Grady misschien wel de beste hulp voor Andy en Fränk Schleck. De Duitser vindt dat hij met zijn veertig jaar op de teller te oud zou zijn om nog naar de Tour te gaan. Maar zeg dus nooit nooit met Voigt. Hetzelfde geldt trouwens ook in zijn familiale sfeer. In januari 2011 werd de jongste telg van het Voigt-gezin geboren, tevens ook het zesde kindje voor Voigt, die met een Française getrouwd is. Op de vraag of de zesde geborene de laatste is, antwoordde Voigt mysterieus “Wie weet”. Wat Voigt na zijn carrière gaat doen als profrenner weet hij nog niet. Maar hij is niet van plan meteen uit het wielrennen te stappen. Waarschijnlijk kunnen we hem na dit seizoen verwachten als een van de ploegleiders in het Radioshack-Nissan team.

 

© 2012 – Extrasport – Eva De Poorter

Tags: , , , , , ,

  • Anne

    ‘k Vond het een zeer interessant artikel! Doe zo voort